Serie 1-20. - Haagse tram

Ga naar de inhoud

Hoofdmenu:

Serie 1-20.

Stadsmaterieel > Motorrijtuigen 2 assig.

Motorrijtuigen algemeen.

De bestelling voor deze motorwagens is te splitsen in 2 delen:
– De motorrijtuigen 1 -10 werden op 20 februari 1904 bij de Nederlandse Fabriek van Werktuigen en Spoorwegmaterieel officieel besteld.
– De motorrijtuigen 11 – 20 werden eveneens in februari 1904 besteld, maar deze bestelling werd gedaan bij de firma Van der Zypen & Charlier G.M.B.H te Cöln-Deutz.
De aanschafprijs was Fl. 7000,00 per stuk.
Op het moment dat de exploitatie met beugeltrams van de nieuwe electrische tramlijn 9 begon op 6 augustus 1904 had de HTM de beschikking over 19 motorrijtuigen. Het ontbrekende nummer 19 kwam in een iets afwijkende uitvoerig later in dienst.

De wagenbak was geplaatst op een stalen onderstel wat middels veren op een stalen truckstel met een asafstand van 1800 mm rustte. De wagenbak zelf was opgebouwd uit eikenhout, bekleed met en stalen beplating en notenhoten zijpanelen.
De wagens werden donkerblauw geschilderd met bruine zijpanelen.
De balconx waren open zodat de bestuurder in de open lucht stond.
Boven de balcons was op het dak een klapkoersbord aangebracht waarop de bestemming vermeld werd en aan de zijkant op het dak was eveneens een langwerpig koersbord aangebracht.

Motorrijtuig 19 werd in een afwijkende uitvoering geleverd, namelijk met een afgesloten balcon.

Motorrijtuig 1.
Dit motorrijtuig is aan de HTM geleverd voor 5 juli 1904 en kwam op 6 augustus 1904 in dienst.
Het werd gebouwd doort de firma Werkspoor met een electrische installatie van Union/AEG.
Het motorvermogen was 2 x 19 Pk (2 x 14 kW).
Het motorrijtuig had 20 zitplaatsen , 7 staanplaatsen op het voorbalcon en 8 staanplaatse op het achterbalcon;
In 1917 werd de verdeling als volgt: 20 zitplaatsen in de wagen, 7 staanplaatsen op het voorbalcon, 6 staanplaatsen in de wagen en 10 staanplaatsen op het achterbalcon.
Op 29 september 1931 heeft het voor het laatst dienst gedaan waarna het op reserve terzijde werd gesteld;
In mei 1940 is deze motorwagen verkocht aan Posen in Duitsland, momenteel beter bekend als Poznan in Polen. In maart/april 1942 vond het transport naar Duitsland pas plaats.

Inzet.
Lijn 9 september 1904 -


Remises:
Scheveningen 1904 -

Dakreclame/
Geen

Naar boven.


Motorrijtuig 2.
Dit motorrijtuig is aan de HTM geleverd voor 5 juli 1904 en kwam op 6 augustus 1904 in dienst.
Het werd gebouwd doort de firma Werkspoor met een electrische installatie van Union/AEG.
Het motorvermogen was 2 x 19 Pk (2 x 14 kW).
Het motorrijtuig had 20 zitplaatsen , 7 staanplaatsen op het voorbalcon en 8 staanplaatse op het achterbalcon;
In 1917 werd de verdeling als volgt: 20 zitplaatsen in de wagen, 7 staanplaatsen op het voorbalcon, 6 staanplaatsen in de wagen en 10 staanplaatsen op het achterbalcon.
Op 29 september 1931 heeft het voor het laatst dienst gedaan waarna het op reserve terzijde werd gesteld;
In mei 1940 is deze motorwagen verkocht aan Posen in Duitsland, momenteel beter bekend als Poznan in Polen. In maart/april 1942 vond het transport naar Duitsland pas plaats.

Naar boven.

Motorrijtuig 3.  
Dit motorrijtuig is aan de HTM geleverd voor 5 juli 1904 en kwam op 6 augustus 1904 in dienst.
Het werd gebouwd doort de firma Werkspoor met een electrische installatie van Union/AEG.
Het motorvermogen was 2 x 19 Pk (2 x 14 kW).
Het motorrijtuig had 20 zitplaatsen , 7 staanplaatsen op het voorbalcon en 8 staanplaatse op het achterbalcon;
In 1917 werd de verdeling als volgt: 20 zitplaatsen in de wagen, 7 staanplaatsen op het voorbalcon, 6 staanplaatsen in de wagen en 10 staanplaatsen op het achterbalcon.
Op 15 september 1931 heeft het voor het laatst dienst gedaan waarna het op reserve terzijde werd gesteld;
In mei 1940 is deze motorwagen verkocht en in november 1942 getransporteerd naar Duitsland.

Naar boven.

Motorrijtuig 4.
Dit motorrijtuig is aan de HTM geleverd voor 5 juli 1904 en kwam op 6 augustus 1904 in dienst.
Het werd gebouwd doort de firma Werkspoor met een electrische installatie van Union/AEG.
Het motorvermogen was 2 x 19 Pk (2 x 14 kW).
Het motorrijtuig had 20 zitplaatsen , 7 staanplaatsen op het voorbalcon en 8 staanplaatse op het achterbalcon;
In 1917 werd de verdeling als volgt: 20 zitplaatsen in de wagen, 7 staanplaatsen op het voorbalcon, 6 staanplaatsen in de wagen en 10 staanplaatsen op het achterbalcon.
Op 29 september 1931 heeft het voor het laatst dienst gedaan waarna het op reserve terzijde werd gesteld;
In mei 1940 is deze motorwagen verkocht aan Posen in Duitsland, momenteel beter bekend als Poznan in Polen. In maart/april 1942 vond het transport naar Duitsland pas plaats.

Naar boven.

Motorrijtuig 5.  
Dit motorrijtuig is aan de HTM geleverd voor 5 juli 1904 en kwam op 6 augustus 1904 in dienst.
Het werd gebouwd doort de firma Werkspoor met een electrische installatie van Union/AEG.
Het motorvermogen was 2 x 19 Pk (2 x 14 kW).
Het motorrijtuig had 20 zitplaatsen , 7 staanplaatsen op het voorbalcon en 8 staanplaatse op het achterbalcon;
In 1917 werd de verdeling als volgt: 20 zitplaatsen in de wagen, 7 staanplaatsen op het voorbalcon, 6 staanplaatsen in de wagen en 10 staanplaatsen op het achterbalcon.
Op 15 september 1931 heeft het voor het laatst dienst gedaan waarna het op reserve terzijde werd gesteld;
In mei 1940 is deze motorwagen verkocht en in november 1942 getransporteerd naar Duitsland.

Naar boven.

Motorrijtuig 6.  
Dit motorrijtuig is aan de HTM geleverd voor 13 juli 1904 en kwam op 6 augustus 1904 in dienst.
Het werd gebouwd doort de firma Werkspoor met een electrische installatie van Siemens Schuckert Werke.
Het motorvermogen was 2 x 25 Pk (2 x 18 kW).
Het Motorrijtuig had 20 zitplaatsen , 7 staanplaatsen op het voorbalcon en 8 staanplaatse op het achterbalcon;
In 1917 werd de verdeling als volgt: 20 zitplaatsen in de wagen, 7 staanplaatsen op het voorbalcon, 6 staanplaatsen in de wagen en 10 staanplaatsen op het achterbalcon.
Op 15 september 1931 heeft het voor het laatst dienst gedaan waarna het op reserve terzijde werd gesteld;
In 1936 is deze motorwagen gesloopt.

Naar boven.

Motorrijtuig 7.  
Dit motorrijtuig is aan de HTM geleverd voor 13 juli 1904 en kwam op 6 augustus 1904 in dienst.
Het werd gebouwd doort de firma Werkspoor met een electrische installatie van Siemens Schuckert Werke.
Het motorvermogen was 2 x 25 Pk (2 x 18 kW).
Het Motorrijtuig had 20 zitplaatsen , 7 staanplaatsen op het voorbalcon en 8 staanplaatse op het achterbalcon;
In 1917 werd de verdeling als volgt: 20 zitplaatsen in de wagen, 7 staanplaatsen op het voorbalcon, 6 staanplaatsen in de wagen en 10 staanplaatsen op het achterbalcon.
Op 27 augustus 1931 heeft het voor het laatst dienst gedaan waarna het op reserve terzijde werd gesteld;
In 1936 is deze motorwagen gesloopt.

Naar boven.

Motorrijtuig 8.  
Dit motorrijtuig is aan de HTM geleverd voor 14 juli 1904 en kwam op 6 augustus 1904 in dienst.
Het werd gebouwd doort de firma Werkspoor met een electrische installatie van Siemens Schuckert Werke.
Het motorvermogen was 2 x 25 Pk (2 x 18 kW).
Het Motorrijtuig had 20 zitplaatsen , 7 staanplaatsen op het voorbalcon en 8 staanplaatse op het achterbalcon;
In 1917 werd de verdeling als volgt: 20 zitplaatsen in de wagen, 7 staanplaatsen op het voorbalcon, 6 staanplaatsen in de wagen en 10 staanplaatsen op het achterbalcon.
Op 15 november 1932 heeft het voor het laatst dienst gedaan waarna het op reserve terzijde werd gesteld;
Op 7 juli 1953 is deze motorwagen, ondanks dat het aangewezen was voor museum doeleinden,toch gesloopt.

Naar boven.

Motorrijtuig 9.  
Dit motorrijtuig is aan de HTM geleverd voor 13 juli 1904 en kwam op 6 augustus 1904 in dienst.
Het werd gebouwd doort de firma Werkspoor met een electrische installatie van Siemens Schuckert Werke.
Het motorvermogen was 2 x 25 Pk (2 x 18 kW).
Het Motorrijtuig had 20 zitplaatsen , 7 staanplaatsen op het voorbalcon en 8 staanplaatse op het achterbalcon;
In 1917 werd de verdeling als volgt: 20 zitplaatsen in de wagen, 7 staanplaatsen op het voorbalcon, 6 staanplaatsen in de wagen en 10 staanplaatsen op het achterbalcon.
Op 13 september 1931 heeft het voor het laatst dienst gedaan waarna het op reserve terzijde werd gesteld;
In 1936 is deze motorwagen gesloopt.

Naar boven.

Motorrijtuig 10.
Dit motorrijtuig is aan de HTM geleverd voor 14 juli 1904 en kwam op 6 augustus 1904 in dienst.
Het werd gebouwd doort de firma Werkspoor met een electrische installatie van Union/AEG.
Het motorvermogen was 2 x 25 Pk (2 x 18 kW).
Het motorrijtuig had 20 zitplaatsen , 7 staanplaatsen op het voorbalcon en 8 staanplaatse op het achterbalcon;
In 1917 werd de verdeling als volgt: 20 zitplaatsen in de wagen, 7 staanplaatsen op het voorbalcon, 6 staanplaatsen in de wagen en 10 staanplaatsen op het achterbalcon.
Op 29 september 1931 heeft het voor het laatst dienst gedaan waarna het op reserve terzijde werd gesteld;
In mei 1940 is deze motorwagen verkocht aan Posen in Duitsland, momenteel beter bekend als Poznan in Polen. In maart/april 1942 vond het transport naar Duitsland pas plaats.

Naar boven.

Motorrijtuig 11.  
Dit motorrijtuig is aan de HTM geleverd in juli of augustus 1904 en kwam op 6 augustus 1904 in dienst.
Het werd gebouwd doort de firma van der Zypen & Charlier in Köln-Deutz met een electrische installatie van Siemens Schuckert Werke.
Het motorvermogen was 2 x 25 Pk (2 x 18 kW).
Het motorrijtuig had 20 zitplaatsen , 7 staanplaatsen op het voorbalcon en 8 staanplaatse op het achterbalcon;
In 1917 werd de verdeling als volgt: 20 zitplaatsen in de wagen, 7 staanplaatsen op het voorbalcon, 6 staanplaatsen in de wagen en 10 staanplaatsen op het achterbalcon.
Op 19 september 1931 heeft het voor het laatst dienst gedaan waarna het op reserve terzijde werd gesteld;
In mei 1940 is deze motorwagen verkocht en in november 1942 getransporteerd naar Duitsland.

Naar boven.

Motorrijtuig 12.
Dit motorrijtuig is aan de HTM geleverd in juli of augustus 1904 en kwam op 6 augustus 1904 in dienst.
Het werd gebouwd doort de firma van der Zypen & Charlier in Köln-Deutz met een electrische installatie van Siemens Schuckert Werke.
Het motorvermogen was 2 x 25 Pk (2 x 18 kW).
Het motorrijtuig had 20 zitplaatsen , 7 staanplaatsen op het voorbalcon en 8 staanplaatse op het achterbalcon;
In 1917 werd de verdeling als volgt: 20 zitplaatsen in de wagen, 7 staanplaatsen op het voorbalcon, 6 staanplaatsen in de wagen en 10 staanplaatsen op het achterbalcon.
Op 28 september 1931 heeft het voor het laatst dienst gedaan waarna het op reserve terzijde werd gesteld;
In mei 1940 is deze motorwagen verkocht aan Posen in Duitsland, momenteel beter bekend als Poznan in Polen. In maart/april 1942 vond het transport naar Duitsland pas plaats.

Naar boven.

Motorrijtuig 13.  
Dit motorrijtuig is aan de HTM geleverd in juli of augustus 1904 en kwam op 6 augustus 1904 in dienst.
Het werd gebouwd doort de firma van der Zypen & Charlier in Köln-Deutz met een electrische installatie van Siemens Schuckert Werke.
Het motorvermogen was 2 x 25 Pk (2 x 18 kW).
Het motorrijtuig had 20 zitplaatsen , 7 staanplaatsen op het voorbalcon en 8 staanplaatse op het achterbalcon;
In 1917 werd de verdeling als volgt: 20 zitplaatsen in de wagen, 7 staanplaatsen op het voorbalcon, 6 staanplaatsen in de wagen en 10 staanplaatsen op het achterbalcon.
Op 12 september 1931 heeft het voor het laatst dienst gedaan waarna het op reserve terzijde werd gesteld;
In mei 1940 is deze motorwagen verkocht en in november 1942 getransporteerd naar Duitsland.

Naar boven.

Motorrijtuig 14.  
Dit motorrijtuig is aan de HTM geleverd in juli of augustus 1904 en kwam op 6 augustus 1904 in dienst.
Het werd gebouwd doort de firma van der Zypen & Charlier in Köln-Deutz met een electrische installatie van Siemens Schuckert Werke.
Het motorvermogen was 2 x 25 Pk (2 x 18 kW).
Het motorrijtuig had 20 zitplaatsen , 7 staanplaatsen op het voorbalcon en 8 staanplaatse op het achterbalcon;
In 1917 werd de verdeling als volgt: 20 zitplaatsen in de wagen, 7 staanplaatsen op het voorbalcon, 6 staanplaatsen in de wagen en 10 staanplaatsen op het achterbalcon.
Op 30 augustus 1931 heeft het voor het laatst dienst gedaan waarna het op reserve terzijde werd gesteld;
In mei 1940 is deze motorwagen verkocht en in november 1942 getransporteerd naar Duitsland.

Naar boven.

Motorrijtuig 15.  
Dit motorrijtuig is aan de HTM geleverd in juli of augustus 1904 en kwam op 6 augustus 1904 in dienst.
Het werd gebouwd doort de firma van der Zypen & Charlier in Köln-Deutz met een electrische installatie van Siemens Schuckert Werke.
Het motorvermogen was 2 x 25 Pk (2 x 18 kW).
Het motorrijtuig had 20 zitplaatsen , 7 staanplaatsen op het voorbalcon en 8 staanplaatse op het achterbalcon;
In 1917 werd de verdeling als volgt: 20 zitplaatsen in de wagen, 7 staanplaatsen op het voorbalcon, 6 staanplaatsen in de wagen en 10 staanplaatsen op het achterbalcon.
Op 15 september 1931 heeft het voor het laatst dienst gedaan waarna het op reserve terzijde werd gesteld;
In 1936 is deze motorwagen gesloopt.

Naar boven.

Motorrijtuig 16.  
Dit motorrijtuig is aan de HTM geleverd in juli of augustus 1904 en kwam op 6 augustus 1904 in dienst.
Het werd gebouwd doort de firma van der Zypen & Charlier in Köln-Deutz met een electrische installatie van Siemens Schuckert Werke.
Het motorvermogen was 2 x 25 Pk (2 x 18 kW).
Het motorrijtuig had 20 zitplaatsen , 7 staanplaatsen op het voorbalcon en 8 staanplaatse op het achterbalcon;
In 1917 werd de verdeling als volgt: 20 zitplaatsen in de wagen, 7 staanplaatsen op het voorbalcon, 6 staanplaatsen in de wagen en 10 staanplaatsen op het achterbalcon.
Op 12 september 1931 heeft het voor het laatst dienst gedaan waarna het op reserve terzijde werd gesteld;
In 1936 is deze motorwagen gesloopt.

Naar boven.

Motorrijtuig 17.  
Dit motorrijtuig is aan de HTM geleverd in juli of augustus 1904 en kwam op 6 augustus 1904 in dienst.
Het werd gebouwd doort de firma van der Zypen & Charlier in Köln-Deutz met een electrische installatie van Siemens Schuckert Werke.
Het motorvermogen was 2 x 25 Pk (2 x 18 kW).
Het motorrijtuig had 20 zitplaatsen , 7 staanplaatsen op het voorbalcon en 8 staanplaatse op het achterbalcon;
In 1917 werd de verdeling als volgt: 20 zitplaatsen in de wagen, 7 staanplaatsen op het voorbalcon, 6 staanplaatsen in de wagen en 10 staanplaatsen op het achterbalcon.
Op 20 februari 1921 heeft het voor het laatst dienst gedaan waarna het op reserve terzijde werd gesteld;
In 1936 is deze motorwagen gesloopt.

Naar boven.

Motorrijtuig 18.
Dit motorrijtuig is aan de HTM geleverd in juli of augustus 1904 en kwam op 6 augustus 1904 in dienst.
Het werd gebouwd doort de firma van der Zypen & Charlier in Köln-Deutz met een electrische installatie van Siemens Schuckert Werke.
Het motorvermogen was 2 x 25 Pk (2 x 18 kW).
Het motorrijtuig had 20 zitplaatsen , 7 staanplaatsen op het voorbalcon en 8 staanplaatse op het achterbalcon;
In 1917 werd de verdeling als volgt: 20 zitplaatsen in de wagen, 7 staanplaatsen op het voorbalcon, 6 staanplaatsen in de wagen en 10 staanplaatsen op het achterbalcon.
Op 17 oktober 1931 heeft het voor het laatst dienst gedaan waarna het op reserve terzijde werd gesteld;
In mei 1940 is deze motorwagen verkocht aan Posen in Duitsland, momenteel beter bekend als Poznan in Polen. In maart/april 1942 vond het transport naar Duitsland pas plaats.

Naar boven.

Motorrijtuig 19.  
Dit motorrijtuig is aan de HTM geleverd in augustus 1904 en kwam op 24 augustus 1904 in dienst.
Het werd gebouwd doort de firma van der Zypen & Charlier in Köln-Deutz met een electrische installatie van Siemens Schuckert Werke.
Het motorvermogen was 2 x 25 Pk (2 x 18 kW).
Het motorrijtuig had 20 zitplaatsen , 7 staanplaatsen op het voorbalcon en 8 staanplaatse op het achterbalcon;
In 1917 werd de verdeling als volgt: 20 zitplaatsen in de wagen, 7 staanplaatsen op het voorbalcon, 6 staanplaatsen in de wagen en 10 staanplaatsen op het achterbalcon.
Op 13 september 1931 heeft het voor het laatst dienst gedaan waarna het op reserve terzijde werd gesteld;
In 1936 is deze motorwagen gesloopt.

Naar boven.

Motorrijtuig 20.  
Dit motorrijtuig is aan de HTM geleverd in juli of augustus 1904 en kwam op 6 augustus 1904 in dienst.
Het werd gebouwd doort de firma van der Zypen & Charlier in Köln-Deutz met een electrische installatie van Siemens Schuckert Werke.
Het motorvermogen was 2 x 25 Pk (2 x 18 kW).
Het motorrijtuig had 20 zitplaatsen , 7 staanplaatsen op het voorbalcon en 8 staanplaatse op het achterbalcon;
In 1917 werd de verdeling als volgt: 20 zitplaatsen in de wagen, 7 staanplaatsen op het voorbalcon, 6 staanplaatsen in de wagen en 10 staanplaatsen op het achterbalcon.
Op 8 mei 1946 heeft het voor het laatst dienst gedaan waarna het op reserve terzijde werd gesteld;
In 1948 werd het motorrijtuig verkocht als noodwoning en op 3 september 1948 overgebracht naar Meppel.

Naar boven.

 
Terug naar de inhoud | Terug naar het hoofdmenu